Een lange tijd geleden gebruikten sommige Indiaanse stammen gekleurde stekelvarken slagpennen in plaats van kralen om hun kleren te verfraaien. De Cheyenne Indianen vertellen het verhaal van een jong meisje die uitstekende quiltwerk deed. De kleren die zij maakte, waren zo mooi dat zij schenen te gloeien.
Zij was nu al weken bezig met het maken en verfraaien van een stel van witte schapenleren kleren voor een man. Het was het soort uitrusting dat een meisje misschien zal maken voor een vriend of voor een broer waar zij heel veel van hield. Maar het meisje heeft nooit een broer gehad. Of een bewonderaar. Haar moeder verwonderde zich erover. Haar moeder verwonderde zich zelfs nog meer toen het meisje een volledig jaar bezig was om nog zes extra schaapsleren uitrustingen te maken.
Toen vertelde het meisje haar moeder, "Ik heb van een familie van zeven broers gehoord die geen zus hebben. De kleren zijn voor hen". En zij zei tot ziens tegen haar moeder, omdat ze de jonge mannen ging zoeken. –Gedroomd- en dromen moet je altijd volgen zegt haar moeder en wil met haar mee gaan – in de droom ga ik alleen zegt Quiltwerk meisje – en dus laat de moeder haar alleen gaan.
Na een lange reis ontmoet zij een kleine jongen. Hij vertelt haar dat hij met zes oudere broers leeft, die allen aan het jagen zijn. Zij geeft hem het kleinste stel kleren. Hij probeert ze aan en ze passen perfect. Het meisje vertelt hem dat zij zijn zus is. Latere die dag keren de broers van de jongen van hun jacht terug en dragen stapels buffel vlees. Zij houden van hun prachtige nieuwe schapenleren uitrusting en zijn gelukkig te horen dat zij een nieuwe zus hebben.
Op een dag toen het meisje en de jongste broer alleen thuis waren, hoorden zij iemand kloppen aan de deurflap van hun tipi. De jongen was verrast een klein buffelkalf te zien. Het kalf zei aan hem, "Geef ons uw zus. De buffel stam wil haar". De jongen zei; "Wat? Wij willen niet! Maak je niet belachelijk!" "Let op," zei het kalf. "Morgen zal hier een groter iemand komen".
De volgende dag hoorden de broer en zus een luid kloppen, Het was een buffel stier of jonge koe, die zei, "De buffels willen uw zus. Geef haar aan ons". "Nooit!" zei de jongen en ging naar binnen. "Goed, een groter iemand zal hier morgen zijn," zei de stier. De volgende dag klopte een grote oude buffel koe op de deurflap. "Wij willen dat uw zus bij ons komt leven". "Nooit!" zei de jongen. "U zult droevig zijn," zei de koe, "wanneer u ziet wie morgen komt".
De volgende dag bleven alle zeven broers thuis met hun aangenomen zus. Toen zij zenuwachtig in hun tent zaten, hoorden zij in de verte gerommel. Zij voelden het terrein om en onder hen schudden. Toen sloeg iets hard tegen de tent aan. Het was een reusachtige buffel stier, boos en stomend van ongeduld, die door de hele buffel kudde gevolgd werd. "Geef mij uw zus!" "Nee!" zeiden de jongens. "Indien ik haar niet kan hebben, zal ik u doden, " zei de buffel.
De jongens keken naar elkaar. Wat zouden zij doen? Zij gingen snel terug in de tipi , sneden een gat in de achterkant, klommen er daar weer allemaal uit en begonnen te rennen! De jongste broer zei; "Vlug! Klim in die boom!" Er was een grote populier dichtbij. Zij klommen met z´n allen in de boom en hielden zich goed vast aan de takken. De jongen schoot een pijl in de stam van de boom. Whoosh! De boom groeide plotseling. Hij droeg hen allen naar de lucht, ver weg van de buffels.
De volledige kudde buffels stootten tegen de boom met hun reusachtig hoofden. De dreun! De boom schudde. De jongen schoot nog een pijl in de takken en de boom groeide opnieuw. Toen de buffels opnieuw en opnieuw tegen de boom stootten, schoot de jongen pijlen in de boom tot die groeide tot in het middelpunt van de hemel. Precies op het moment dat de boom op breken stond, begonnen de jongens en hun zus begon te gloeien.
Zij werden sterren -de sterren van de Grote Steelpan. Als je op een heldere avond naar buiten gaat, zul je de Grote Beer boven je zien. Sommige mensen zeggen dat de kleinste broer de ster aan het eind van het handvat van de Steelpan is, maar ik denk dat hij Alcor, de minuscule ster moet zijn, die naast de middenster in het handvat van de Steelpan fonkelt. Nu je dit verhaal hebt gehoord; kijk zelf eens naar de Steelpan. Wat denk je? De felste is de zus!